Klik op het rondje voor het goede antwoord.
Vraag #1 LSB staat voor ....
A. LSB staat voor Least Significant Bit B. LSB staat voor Least Significant Byte C. Large System Batteries D. Left Seven Byte
Vraag #2 Welke stelling klopt niet ?
A. Een octed is een dubble nibble. B. Een octed is 8 bytes. C. Een octed is een verzameling van 8 bits. D. Een halve byte is een nibble.
Vraag #3 Het grootste hex digit is ....
A. F. B. FFFF. C. 9. D. 15.
Vraag #4 Welke stelling klopt niet klopt ?
A. F + 1 is 10. B. C = 1100 binair. C. Vier keer 0001 = 0100. D. F keer 2 = FF.
Vraag #5 1001 0110 1100 1111 binair heeft een hex equivalent van .....
A. 2994123. B. ABCD C. FC69. D. 96CF.
Vraag #6 1001 + 0110 + 1010 + 0101 = # ?
A. 1024 B. 256 C. 2F D. 1E
Vraag #7 De MSB van 1000 is 2 tot de mact 3. De hexadecimale uitkomst is?
A. F000 B. 8 C. 23 D. 6
Vraag #8 A73FC094 ...
A. Bestaat uit 8 nibbels en is zonder rekenamchiene om te reken naar binair. B. Is uit sluitend met een wetenschappleijke rekenmachiene uit te rekenen. C. Kan alleen met de microsovt rekemachine worden uitgereken. D. Is een geheime BCD code.
Vraag #9 101 # is decimaal ...
A. F1 B. 257 met de radix 10. C. 0001 0000 0001 radix 2. D. 128 octal.
Vraag #10 0000 0001 0000 radix 2 is ?
A. 12 #. B. 128 decimaal. C. 256 radix 10. D. 16 decimaal.