SCSI

SCSI Afkorting voor Small Computer System Interface


Deze Hard Disk standaard werd in het begin hoofdzakelijk voor de minicomputers gebruikt en door Apple.
SCSI werd in 1980 ontwikkelt door Shugart.
De eerste controller hete dan ook de SASI (Shugart Associates System Interface).

SCSI beperkt zich niet tot het aansturen van harddrives.
Er kunnen extern ook CD-ROM, DVD, Scanners en tapestreamer worden aangesloten.

SCSI is sneller dan IDE, maar kan ook meer drives, namelijk 7 tot 15 exclusief de controller, aansturen.
Een nadeel voor de huisgebruiker is echter dat SCSI ook duurder is dan IDE.
De MTBF van SCSI is ook een stuk hoger dan de MTBF van een ATA-drive.
Zo ook het toerental van de harddisken.

Op de afbeeling links is de externe SCSI aansluiting in form van een DB-25 female te zien.
Vaak werd per abuis een priner op de SCSI aansluiting aangesloten.
Het SCSI interface overleefde dit vaak niet.
Deze producent was slimmer!

SCSI-drives werken redelijk autonoom, dat wil zeggen, dat de drives wijnig of geen beroep doen op de processor en de controller.
In tegenstelling tot de IDE drives, waar op de achterkant een master en slave mogelijkheid is, worden bij SCSI de ID's van nul to zeven met jumpers of dipswitch ingesteld.
Standart is ID 0 de het adres van de harddisk waar de computer op boot.
Maar in de BIOS van de SCSI-controller kan ook een ander nummer worden opgegeven.
ID 7 is voor de controller.


Op de foto is de achterkant van een SCSI- tapestreamer te zien.
Dit externe device heeft (zie in de circel) 3 als ID-nummer.
In het midden van de foto is onder de SCSI-aansluiting ook de terminator duidelijk te zien.
Standart is ID 0 de het adres van de harddisk waar de computer op boot.
De bekabeling van SCSI-drives en de daarbij horende stekkers zien er ook anders uit dan het bij IDE het geval is.


SCSI 1 en SCSI 2 werken met 50 polige kabels. SCSI 3 daarentegen werkt met 68 aansluitingen.
De SCSI-bus moet aan de voor en achterkant met een terminator worden afgesloten!
Veel storingen worden veroorzaakt doordat er verkeerde ID's worden toegekend of omdat de terminators niet goed zijn ingesteld.

SCSI-drives worden meestal in RAID-configuraties ingeset.

SCSI 1

Was de eerste standaard van SCSI (1986). Voorheen had iedere leverancier zijn eigeninterpretatie, en waren de host adapters niet uitwisselbaar. De datatransport gaat met 5 MB/s.

SCSI 2

Heeft een uitgebreidere instructieset, wat tot heden nog gebruikt word. De snelheid is ook 5 MB/s.
De bakabeling naar buiten, externe CD-romloopwerke, scanners, tapestreamers en meer worden met een kabel aangesloten dat niet langer mag zijn dan 6 meter.
Het geheel word een singel ended systeem genoemd.

SCSI Fast

Is zo als het al laat vermoeden sneller dan SCSI 2. SCSI Fast is 10 MB/s

SCSI Wide

Werkt met een dubbele wordlengte, namelijk met 16 Bits ipv 8 Bits. Voordeel is dat er 15 devices kunnen worden aangesloten.

SCSI Fast Wide

SCSI Fast Wide is een combinatie van snelle SCSI met een 16 Bits breedte. De snelheid is dan ook 20 MB/s

SCSI Ultra

is de opvolger van SCSI Fast. 8 bit en twee keer zo snel. 20 MB/s

SCSI Ė3

ook onder de naam SCSI Ultra Wide werkt met een 16 Bit breedte en transporteert met 40 MB/s

SCSI Ultra 2

is opvolger van de SCSI Ultra. 8 bit en twee keer zo snel. 40 MB/s

SCSI Ultra Wide

laat al vermoeden dat het 16 Bitís is en met 80 MB/s werkt.

SCSI Ultra 3

ook bekend als Ultra-160. Deze standaard uit 1999 werkt zo als uit de benaming af te lijden is met 160 MB/s.

SCSI Ultra 320

uit 2004 is momenteel de standaard. 320 MB/s De Ultra 640 wordt zo als het zich laat aanzien niet op de parallel methode verder ontwikkelt, maar serieel werken en zomede ook een andere naam krijgen.

De opvolger van de parallelle SCSI interface is de SAS Serial Attached SCSI.

Samenvattend:

- SCSI ID 0 is voor de bootdrive.

- SCSI ID 7 is voor de controller.

- De MTBF van SCSI-drives is hoger dan die van ATA-drives.

- SCSI-drives kunnen autonoom werken.

- Ieder SCSI-keten heeft twee terminators nodig.

- SCSI 1 heeft een doorvoer van 5Mb/s.

- SCSI 1 en SCSI 2 zijn 8 bits en maken gebruik van een 50 aderig kabel.

- SCSI 3 is 16 Bits en maakt gebruik van een 68 aderig kabel.

-